Afspraak is afspraak? Actualiteiten WNT in de zorg

Afspraak is afspraak? Actualiteiten WNT in de zorg

De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) stelt grenzen aan de salarissen en ontslagvergoedingen van topfunctionarissen die werkzaam zijn in de publieke en semipublieke sector. Daarnaast zijn de organisaties die onder de werkingssfeer van de WNT vallen, verplicht om bepaalde gegevens over salarissen en vergoedingen openbaar te maken.

Ook zorginstellingen moeten rekening houden met de WNT. De Kantonrechter Utrecht gaf hiervoor in zijn uitspraak van 20 oktober 2017 de volgende verklaring: “Die wet maximeert de salarissen en ontslagvergoedingen die werkgevers en topfunctionarissen van instellingen met een publieke taak kunnen overeenkomen, omdat het publiek geld betreft dat primair aangewend dient te worden voor de publieke taak, in dit geval de zorg.”

De WNT is ingegaan op 1 januari 2013. Sindsdien zijn de regels voortdurend in beweging. De bezoldigingsmaxima worden bijvoorbeeld jaarlijks geïndexeerd en ook het normenkader zelf wordt regelmatig geactualiseerd. Tijd voor een overzicht van de laatste ontwikkelingen.

WNT niet van toepassing op medisch specialisten

De eerste ontwikkeling waar ik u op wil attenderen, is dat sinds 1 juli 2017 in de WNT is vastgelegd, in artikel 1.5a WNT om precies te zijn, dat deze wet niet van toepassing is op medisch specialisten. Mijn collega Mark van de Laar heeft in augustus van dit jaar een artikel geschreven over het feit dat medisch specialisten zijn uitgesloten van toepassing van de WNT.

Wnt-3 van tafel

Een andere belangrijke ontwikkeling is van meer recente datum. Op 14 november jl. heeft het kabinet laten weten dat het wetsvoorstel Uitbreiding personele reikwijdte WNT – ook wel de Wnt-3 genoemd  – niet wordt ingediend bij de Tweede Kamer. Insteek van dit wetsvoorstel was om ook de bezoldiging van niet-topfunctionarissen te maximeren. Door dit plan is nu dus een streep gehaald. Aanleiding voor dit besluit van het kabinet waren het kritische advies van de Raad van State over het wetsvoorstel en weerstand uit de markt.

In het Regeerakkoord werd al een voorschot genomen op het besluit om het wetsvoorstel niet in te dienen. Daarin is namelijk het volgende vastgelegd: “Daarnaast is het voor het functioneren van de overheid goed dat deze op belangrijke terreinen voldoende expertise in huis heeft. Het beloningsniveau bij de overheid moet zodanig zijn dat ook hoogwaardige en schaarse specialisten (…) in dienst kunnen worden genomen.”

Denk-Kamerlid Ozturk heeft naar aanleiding van deze ontwikkelingen een wetsvoorstel ingediend waarvan de strekking gelijk is als het concept voorstel Wnt-3. Om de hiervoor genoemde redenen ligt het voor de hand dat dit voorstel de eindstreep niet gaat halen.

De Wet Normering Topinkomens in de rechtspraak

Ook in juridische procedures is de WNT met enige regelmaat onderwerp van gesprek (of beter gezegd: onderwerp van geschil).

Kantonrechter Utrecht over toepassing WNT

Een eerste voorbeeld hiervan betreft de, in het bovenstaande, al genoemde uitspraak van de Kantonrechter Utrecht. Aanleiding voor de uitspraak was een verzoek van zorginstelling Warande om de arbeidsovereenkomst met het enig lid van de Raad van Bestuur te ontbinden wegens een verstoorde verhouding c.q. andere omstandigheden (de ‘restgrond’ van artikel 7:669, lid 3 sub h, BW). De kantonrechter wees het ontbindingsverzoek toe. Partijen waren het erover eens dat dit betekende dat de bestuurder aanspraak kon maken op een transitievergoeding van nagenoeg € 154.000,00 bruto. De medewerker stelde echter dat Warande ook een billijke vergoeding moest voldoen, van maar liefst € 150.000,00 bruto.  Warande was het hier niet mee eens en wees daarbij onder andere op de WNT. De kantonrechter overwoog naar aanleiding hiervan dat hij weliswaar niet gebonden is aan de in de WNT genoemde maximering, maar dat dit niet wegneemt dat het doel en strekking van die wet door de rechter wel als relevante omstandigheid in de overweging moet worden betrokken. Vervolgens stelde hij vast dat Warande ernstig verwijtbaar had gehandeld jegens de bestuurder, omdat hij haar volledig had overvallen met de wens om het dienstverband te beëindigen, en wees hij een billijke vergoeding toe van € 50.000,00.

Kantonrechter Roermond over WNT

Ook de uitspraak van de Kantonrechter Roermond van 11 oktober 2017 mag hier niet onvermeld blijven. Die uitspraak ziet op een discussie tussen Stichting Daelzicht en een voormalig lid van de Raad van Bestuur. Nadat de OR van de zorginstelling het vertrouwen in de Raad van Bestuur had opgezegd, hadden partijen een vertrekregeling getroffen. In het kader van deze regeling was onder andere afgesproken dat de bestuurder de beëindigingsvergoeding zou ontvangen die partijen bij aanvang van het dienstverband waren overeengekomen, zijnde een bedrag van ruim € 185.000,00. De ex-bestuurder maakte vervolgens ook aanspraak op uitbetaling van de ‘openstaande’ vakantiedagen. De zorginstelling stelde zich op het standpunt dat de WNT niet toeliet dat de vakantiedagen werden uitbetaald.

De kantonrechter stelde de werkgever in het gelijk. Hij overwoog daartoe dat een vaststellingsovereenkomst op zichzelf de ruimte biedt om af te wijken van dwingend recht, maar dat die ruimte wordt begrensd door de goede zeden of openbare orde. En afwijken van de WNT is volgens de kantonrechter nu juist in strijd met de openbare orde. Andere kantonrechters in den lande hebben hetzelfde overwogen.

Uit deze uitspraak blijkt dat het adagium ‘afspraak is afspraak’ in de context van een WNT-situatie niet altijd opgaat. Als de beëindigingsvergoeding hoger is dan de WNT toelaat, dan mag de ex-werkgever het te hoge deel van de vergoeding niet uitbetalen. Als de te hoge vergoeding al is uitbetaald, dan moet de zorginstelling het te hoge bedrag terugvorderen.

Heeft u vragen over de Wet Normering Topinkomens?

Als u meer wil weten over de WNT, kunt u contact opnemen met mij of met uw vaste contactpersoon.

Jacobien Frederix-Gianotten

.

150 150 Joan
Vul hier uw zoekopdracht in