Integriteitsregels aan de laars gelapt: ontslag als gevolg

Integriteitsregels aan de laars gelapt: ontslag als gevolg

Velen kunnen zich nog wel de situatie voor de geest halen die zich een aantal jaar geleden voordeed, waarbij tientallen medewerkers van het Hagaziekenhuis in Den Haag zonder toestemming in het medische dossier van Samantha de Jong, beter bekend als realityster Barbie, hadden gekeken. Deze medewerkers hebben daarvoor uiteindelijk enkel een officiële waarschuwing gekregen. De werknemers zijn er voor het ongeoorloofd raadplegen van de dossiers dan ook betrekkelijk goed vanaf gekomen. Uit de rechtspraak blijkt namelijk dat het ongeoorloofd raadplegen van een (medisch) dossier en/of register met daarin vertrouwelijke gegevens tot ontslag kan leiden. Zo ook in een zaak die zich afspeelde bij de rechtbank Midden-Nederland (ECLI:NL:RBMNE:2026:1915).

De achtergrond van de zaak

In deze zaak gaat het om een ambtenaar die sinds 1 december 2015 in dienst was bij werkgever in de functie van servicemedewerker DZW (Dienstverlening, Zorg en Welzijn). In deze functie was werknemer verantwoordelijk voor het uitvoeren van (financiële) administratieve werkzaamheden voor (de vertegenwoordigers van) PGB-houders. Een PGB-houder is iemand die vanwege een aandoening, handicap of ouderdom zorg nodig heeft en aan wie in dat kader een PGB (persoonsgebonden budget) is toegekend, waarmee de benodigde zorg of ondersteuning bij een zorgverlener kan worden ingekocht. Werknemers in de functie van servicemedewerker DZW gebruiken voor het uitvoeren van hun werkzaamheden het programma Treks en Portaal 2.0, waarin per dossier persoons- en/of financiële gegevens zijn opgeslagen van de budgethouder en diens vertegenwoordiger en zorgverlener. In het onderhavige geval heeft de werknemer de eed/belofte afgelegd en schriftelijk verklaard de Gedragscode van werkgever na te leven. Daarnaast heeft werknemer een verplichte e-learning over de Gedragscode en integer handelen gevolgd. Daarbij stond onder meer het zorgvuldig omgaan met vertrouwelijke informatie centraal.

Op 23 oktober 2025 heeft werkgever een integriteitsmelding over werknemer ontvangen, inhoudende dat werknemer – onder meer – misbruik maakt van het PGB. Naar aanleiding hiervan is werkgever een intern onderzoek gestart. Uit het interne onderzoek is, onder andere, naar voren gekomen dat de gebruiksnaam van werknemer is aangetroffen in vier klantdossiers, terwijl uit deze klantdossiers niet bleek dat er klantcontact was geweest met werknemer. Ook heeft werknemer niet gemeld dat hij een eigen zorginstelling heeft, waarvoor hij betaalde nevenwerkzaamheden verrichtte. Verder heeft werknemer een dossier ingezien dat betrekking had op een klant van zijn eigen bedrijf waarmee hij een conflict had.

Naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek heeft werkgever, primair, om ontbinding verzocht op de e-grond (ernstig verwijtbaar handelen).

Oordeel kantonrechter

Naar het oordeel van de kantonrechter staat vast dat werknemer veelvuldig en zonder zakelijke grondslag in klantdossiers heeft gekeken en dat werknemer door het oprichten van een zorginstelling en daarvoor werkzaamheden te verrichten een situatie van belangenverstrengeling heeft gecreëerd. De kantonrechter kwalificeert dit handelen als ernstig verwijtbaar en ontbindt de arbeidsovereenkomst zonder toekenning van een transitievergoeding.

In dat kader neemt de kantonrechter, allereerst, in aanmerking dat werkgever een publieke taak vervult en dat burgers, als gevolg daarvan, erop moeten kunnen vertrouwen dat hun persoonsgegevens bij werkgever veilig zijn. Werknemer heeft door misbruik te maken van zijn positie door de klantdossiers van zijn budgethouders te raadplegen, het vertrouwen van de burger geschaad.

Daarbij komt dat werknemer met zijn handelen een ernstige vertrouwensbreuk in de arbeidsrelatie heeft veroorzaakt. Hij heeft zich immers niet gedragen zoals van een betrouwbare en integere ambtenaar mag worden verwacht. In dat kader benoemt de kantonrechter nog expliciet dat het ongeoorloofd raadplegen van de klantdossiers in strijd is met zowel de (ondertekende) Gedragscode als de door werknemer afgelegde eed en dat er binnen de organisatie van werkgever uitdrukkelijk aandacht is besteed aan integer handelen. Werknemer had daarom, volgens de kantonrechter, kunnen en moeten weten dat dergelijk gedrag zijn dienstverband bij werkgever in gevaar kon brengen.

Daarnaast oordeelt de kantonrechter dat werknemer een belangenverstrengeling heeft gecreëerd door een eigen zorginstelling op te richten en daarvoor werkzaamheden te verrichten. Vanuit deze zorginstelling bood hij immers hulp bij PGB-aanvragen en zorg op maat aan, terwijl hij als servicemedewerker DZW toegang had tot kennis en informatie over PGB-budgetten. Zijn nevenwerkzaamheden raakten daarmee rechtstreeks aan de belangen van werkgever. Deze nevenwerkzaamheden had hij niet gemeld bij zijn werkgever, zodat aan werkgever niet de mogelijkheid was geboden om toestemming te onthouden.

Gelet op de publieke taak van werkgever is volgens de kantonrechter zelfs de schijn van belangenverstrengeling onaanvaardbaar. Ook de Gedragscode waarschuwt hiervoor en verplicht werknemers om nevenwerkzaamheden te melden die de belangen van werkgever kunnen raken. Werknemer had daarom kunnen en moeten weten dat hij met zijn nevenwerkzaamheden een ontoelaatbare situatie creëerde.

Ten slotte overweegt de kantonrechter dat de persoonlijke omstandigheden van werknemer, te weten: het doormaken van een scheiding en de daarmee gepaard gaande financiële en emotionele impact, het ernstig verwijtbare karakter van zijn gedragingen niet wegnemen. Werknemer heeft zich, volgens de kantonrechter, laten leiden door eigenbelang en daarmee de belangen van werkgever geschaad.

Belang uitspraak

Op (de meeste) ambtenaren is de Ambtenarenwet 2017 van toepassing. Hieruit volgt, onder meer, dat werkgevers een integriteitsbeleid moeten voeren dat is gericht op het bevorderen van goed ambtelijk handelen en dat in ieder geval aandacht besteedt aan het bevorderen van integriteitsbewustzijn en aan het voorkomen van misbruik van bevoegdheden, belangenverstrengeling en discriminatie. Deze uitspraak onderstreept niet alleen het belang van het naleven van deze wettelijke verplichting, maar ook de noodzaak om het integriteitsbeleid actief onder de aandacht van ambtenaren te brengen en het integriteitsbewustzijn binnen de organisatie te blijven bevorderen. De kantonrechter weegt immers uitdrukkelijk mee dat werknemer de eed had afgelegd, de Gedragscode had ondertekend en dat binnen de organisatie aandacht werd besteed aan integer handelen. Werknemer had daarom kunnen en moeten weten dat zijn gedrag onaanvaardbaar was. Door integriteitsregels duidelijk te communiceren en vast te leggen dat werknemers daarvan kennis hebben genomen, versterkt u als werkgever uw positie wanneer zich een vergelijkbare kwestie voordoet.

Vermoedt u een integriteitsschending binnen uw organisatie? Wij denken graag met u mee, zijn in staat om een zorgvuldig feitenonderzoek uit te voeren en helpen u bij het bepalen van passende arbeidsrechtelijke vervolgstappen. Neem gerust contact op met mij of uw vaste sparringpartner binnen Capra dan wel met Integriteit.nl, daar waar het gaat om de noodzakelijke voorlichting en dilemmatrainingen ter voorkoming van misstanden als de onderhavige.

150 150 Manuela Dieters
Vul hier uw zoekopdracht in