Selectie van jurisprudentie voor de zorg 3e kwartaal 2020

Selectie van jurisprudentie voor de zorg 3e kwartaal 2020

Selectie van jurisprudentie voor de zorg 3e kwartaal 2020 150 150 Capra Advocaten

In dit overzicht van jurisprudentie voor de zorgsector over het derde kwartaal van 2020 bespreken we weer diverse rechterlijke uitspraken.

Niet omzetten tijdelijk naar vast: discriminatie wegens autisme?

Op 23 juli 2020 heeft de Centrale Raad van Beroep geoordeeld over een casus bij het UMC Utrecht, waarin besloten was het ‘dienstverband bij wijze van proef’ van een medewerker met autisme niet om te zetten in een vast dienstverband. Volgens de medewerker hangt het niet-verlengen samen met zijn autisme en is er (daarom) sprake van discriminatie. Bovendien zou al van rechtswege een vast dienstverband zijn ontstaan.

De Raad gaat hier blijkens de uitspraak niet in mee. De Raad oordeelt dat de aanstelling bij wijze van proef niet meetelt voor de (toen geldende) ketenregeling en dat de medewerker het verboden onderscheid niet aannemelijk heeft gemaakt.

Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens niet-nakomen re-integratieverplichtingen?

Een instelling voor mensen met een verstandelijke beperking verzoekt de rechter tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een medewerker wegens het niet-nakomen van re-integratieverplichtingen. Naar het oordeel van de werkgever is daarmee sprake van ‘verwijtbaar handelen’. Hoewel het loon tot driemaal toe was stopgezet, was geen deskundigenverklaring bij het UWV gevraagd. Daarmee was niet voldaan aan de, volgens vaste rechtspraak, cumulatieve criteria opgenomen in artikel 7:671b lid 5 BW. De rechter heeft de arbeidsovereenkomst wel beëindigd wegens verstoorde verhoudingen. Het uitmaken van de leidinggevende voor leugenaar, het tientallen keren uitdagen van diezelfde leidinggevende om boos te worden en het uiten van een impliciet dreigement, gaat volgens de rechter alle perken te buiten, zeker nu de werknemer gewaarschuwd was wegens het eerder ongepast communiceren. Gelet op de aard van de verstoorde arbeidsrelatie ligt een herplaatsingsonderzoek niet in de rede. Het verweer van de medewerker dat het opzegverbod wegens ziekte van toepassing is, is ongegrond: de verzochte ontbinding houdt geen verband met dat opzegverbod.

De kwaliteit van een onderzoek bij een ontslagverzoek

Op 26 juni 2020 heeft de Rechtbank Noord-Holland de arbeidsovereenkomst ontbonden van de directeur Zorg van een grote zorgorganisatie. De werkgever had verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden vanwege een verstoorde verhouding en/of andere omstandigheden waardoor de arbeidsovereenkomst niet langer zou kunnen voortbestaan. Het verzoek was onder meer gebaseerd op de resultaten van een extern onderzoek waartoe door de werkgever opdracht was gegeven.

De rechtbank oordeelde dat de arbeidsrelatie duurzaam en onherstelbaar was verstoord, maar kende aan de directeur, naast de wettelijke transitievergoeding, een billijke vergoeding toe van maar liefst € 125.000,00 bruto. Volgens de rechtbank had de zorginstelling zich namelijk ten onrechte op het standpunt gesteld dat de verhoudingen binnen het MT ernstig verstoord waren geraakt en dat mediation geen zin zou hebben. Verder bood het onderzoeksrapport, wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing, onvoldoende grond voor de mededeling aan de directeur dat de arbeidsovereenkomst zou worden beëindigd en was onvoldoende gebleken dat de directeur tijdig en adequaat was aangesproken op eventuele tekortkomingen in zijn functioneren. De rechtbank voegde hieraan toe dat de hoogte van de billijke vergoeding toereikend werd geacht om de werkgever ervan te weerhouden om nog eens op dezelfde, ernstig verwijtbare, wijze te handelen. Werkgevers, wees dus gewaarschuwd!

Het belang van herstelpoging(en) bij verstoorde verhoudingen

Een teammanager P&O bij een zorginstelling krijgt, na eerdere kritiek op het functioneren, een officiële waarschuwing. Zij zou zijn tekortgeschoten in het op juiste wijze verantwoorden van subsidies en het op orde hebben van de administratie. In die waarschuwing wordt haar tevens een voorstel gedaan voor een vertrekregeling. Het alternatief dat wordt geboden, is een intensief verbetertraject. Dat de medewerker daarop te kennen geeft dat zij zich ‘niet zomaar aan de kant laat schuiven’, is voor de werkgever aanleiding om het dienstverband te beëindigen omdat er geen vertrouwen meer is in voortzetting van de samenwerking. De rechtbank vindt dat niet voldoende, omdat de werkgever geen constructieve en reële pogingen heeft gedaan om te onderzoeken of de verstoorde relatie nog herstelbaar is, bijvoorbeeld door middel van gesprekken of mediation. Van een werkgever, en zeker van een grote organisatie, mag verwacht worden dat zij dat eerst doet en daartoe zelf initiatief neemt.

Contact over dit onderwerp

Teaser Medezeggenschap

Onze mensen

Heeft u vragen en/of opmerkingen neem dan contact op met een van onze specialisten!
Naar contact

Gerelateerd

Corona en ziekteverzuim 150 150 Capra Advocaten

Corona en ziekteverzuim

Artikel

lees meer
Het OR-privacyboekje 150 150 Capra Advocaten

Het OR-privacyboekje

Artikel

lees meer
Toegangstesten en testbewijzen in het onderwijs (mbo en ho) 150 150 Capra Advocaten

Toegangstesten en testbewijzen in het onderwijs (mbo en ho)

Artikel

lees meer
Selectie van jurisprudentie voor de zorg april 2021 150 150 Capra Advocaten

Selectie van jurisprudentie voor de zorg april 2021

Artikel

lees meer
Komt een militair bij de dokter 150 150 Capra Advocaten

Komt een militair bij de dokter

Artikel

lees meer
Ontslag op staande voet: onverwijld is ook écht onverwijld 150 150 Capra Advocaten

Ontslag op staande voet: onverwijld is ook écht onverwijld

Artikel

lees meer
Een eerste blik op de Wet open overheid 150 150 Capra Advocaten

Een eerste blik op de Wet open overheid

Artikel

lees meer

Blijf op de hoogte

Blijf op de hoogte over ontwikkelingen, interessante jurisprudentie en wetswijzigingen op het gebied van arbeidsverhoudingen binnen de sectoren overheid, onderwijs en zorg. Selecteer welke nieuwsbrieven u wilt ontvangen en wij houden u op de hoogte.

Vestiging Den Haag
Laan Copes van Cattenburch 56
2585 GC Den Haag
Telefoon 070-364 81 02
Fax 070-361 78 47
denhaag@capra.nl

Vestiging ‘s-Hertogenbosch
Bastion Vught 1
5211 CZ ‘s-Hertogenbosch
Telefoon 073-613 13 45
Fax 073-614 82 16
s-hertogenbosch@capra.nl

Vestiging Zwolle
Terborchstraat 12
8011 GG Zwolle
Telefoon 038-423 54 14
Fax 038-423 47 84
zwolle@capra.nl

Vestiging Maastricht
Spoorweglaan 7
6221 BS Maastricht
Telefoon 043-7 600 600
Fax 043-7 600 609
maastricht@capra.nl