Actualiteiten WNT in de zorgsector

Actualiteiten WNT in de zorgsector

Actualiteiten WNT in de zorgsector 150 150 Capra Advocaten
image_pdf

De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector zal bekend zijn. Deze wet stelt beperkingen aan de salarissen en ontslagvergoedingen van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. Bovendien verplicht deze wet om bepaalde gegevens over salarissen en vergoedingen openbaar te maken. Over de WNT heeft Capra al veel gepubliceerd. Deze bijdrage gaat in het bijzonder over de WNT in de zorgsector.

Dit onderwerp staat met enige regelmaat in de belangstelling. Zo speelde recent de discussie of gemeenten subsidies aan zorgverleners mogen verlagen omdat de directeur van de instelling meer dan de WNT-norm verdient. Dit heeft in de gemeente Eindhoven gespeeld, maar onlangs ook in Tilburg en Heerlen. Maar is er wel een rechtsgrond om de subsidie te verlagen?

Voordat ik op deze vraag in ga, eerst kort iets over de WNT in de zorgsector. Daarin komt ook recente jurisprudentie aan de orde.

De WNT

De WNT geldt per 1 januari 2013. De WNT is al enkele malen aangepast, namelijk met de Aanpassingswet van 19 juni 2014 en de Reparatiewet van 11 november 2014. De WNT kent overigens diverse uitvoeringsbesluiten en –regelingen, zoals het Uitvoeringsbesluit van 6 december 2012, de Regeling bezoldigingscomponenten van 26 februari 2014 en het Besluit vaststelling Beleidsregels toepassing WNT.

Paragraaf 2 van de WNT bevat regels over het bezoldigingsmaximum. Paragraaf 4 bevat regels over openbaarmaking. In art. 1.3 lid 1 onder d WNT is bepaald dat deze twee paragrafen van toepassing zijn op de in bijlage 1 genoemde instellingen. In deze bijlage is onder punt 7 genoemd: de op grond van artikel 5 van de Wet toelating zorginstellingen toegelaten instellingen, waaronder begrepen de academische ziekenhuizen. Via deze weg vallen veel zorginstellingen dus onder de WNT.

De Nederlandse vereniging voor bestuurders in de zorg was niettemin van oordeel dat deze wet niet voor bestuurders in de zorg zou gelden. Zorginstellingen zijn volgens deze vereniging immers geen publieke of daaraan nauw verwante instellingen. Daarom heeft de verenging eind 2012 een procedure opgestart tegen de Staat der Nederlanden. De voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag heeft in deze zaak op 11 januari 2013 uitspraak gedaan, welke luidde dat de WNT wel degelijk (ook) op de bestuurders in de zorg van toepassing is. Volgens de rechter staat immers vast dat zorginstellingen zijn belast met een zekere publieke functie.

Voor de zorgsector geldt wel een bijzondere regeling, namelijk de Regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen zorg- en welzijnssector van 26 november 2013. Deze regeling bepaalt dat zorgorganisaties worden ingedeeld in klassen op grond van criteria die betrekking hebben op onder meer de omvang van de instelling. Voor de verschillende klassen kan een lager bedrag worden vastgesteld dan de maximale bezoldiging op grond van de WNT. Voor de hoogste klasse geldt overigens het maximum van de WNT. Voor 2014 was dit EUR 230.474,-. Voor de laagste klasse gold toen een maximum van EUR 85.590,-.

Wet verlaging bezoldigingsmaximum

Eind 2014 is de Wet verlaging bezoldigingsmaximum aangenomen. Met deze wet, die ook wel WNT2 genoemd wordt, is het bezoldigingsmaximum van de WNT verlaagd naar EUR 178.000,-. Deze wijziging is per 1 januari 2015 ingegaan. Maar deze verlaging geldt (nog) niet voor bestuurders in de zorgsector. De Minister van VWS heeft althans met haar brief van 23 december 2014 de Tweede Kamer laten weten dat zij nog niet tot een nieuwe indeling heeft kunnen komen. Conform het overgangsrecht van de WNT2 blijft daarmee volgens haar automatisch de regeling voor 2014 van toepassing, inclusief alle bezoldigingsklassen met bijbehorende maxima. Verder geeft de Minister in de brief aan dat zij met de betrokken partijen in overleg is over de klasseindeling voor 2016.

De WNT en ontslagvergoedingen

De WNT bevat niet alleen regels over de bezoldiging en openbaarmaking, maar ook over ontslagvergoedingen. De tussen instelling en topfunctionaris overeengekomen ontslagvergoeding mag maximaal EUR 75.000,- bedragen. Maar de rechter is in ontslagprocedures niet aan dit maximum gebonden (art. 1.6 lid 2 WNT). In een dergelijke procedure kan de rechter dus een hogere vergoeding toekennen dan partijen zelf zouden kunnen overeenkomen. Er zijn overigens rechters die aan de WNT wel een zogenaamde ‘reflexwerking’ toekennen en de vergoeding daarom matigen (bijvoorbeeld Ktr. Eindhoven 13 maart 2013, ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ4252 en Ktr. Rotterdam 21 maart 2014, ECLI:NL:RBROT:2014:2095). Maar er zijn ook rechters die dat niet doen (bijvoorbeeld Ktr. Utrecht 6 februari 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:657).
In de zorgsector worden veel arbeidsgeschillen beslecht via arbitrage, namelijk door het Scheidsgerecht Gezondheidszorg. Ook daar komen geschillen voor waar de WNT, dat wil zeggen de gedachte daarachter, een rol in speelt. Een recent voorbeeld hiervan is de uitspraak van 2 februari 2015 (kenmerk 14/32). De Raad van Toezicht van een ziekenhuis had het Scheidsgerecht verzocht het dienstverband met de voorzitter van de Raad van Bestuur te ontbinden, vanwege het laten ontstaan van een financieel deplorabele situatie. Het ziekenhuis wilde geen hogere ontslagvergoeding toekennen dan € 75.000,- bruto. De bestuurder maakte echter aanspraak op de overeengekomen wachtgeldaanspraken (ongeveer € 1 miljoen bruto). Het Scheidsgerecht kent vervolgens, verwijzend naar de redelijkheid en billijkheid, een kwart van deze aanspraken toe.

Niet onbelangrijk, ook voor de zorgsector, is verder dat de WNT ook regelt dat de bezoldiging over een periode waarin de topfunctionaris vooruitlopend op de beëindiging van het dienstverband geen taken meer vervult, wordt aangemerkt als ontslagvergoeding (art. 2.10 lid 3 WNT).

Subsidievoorwaarden

Terug naar de vraag waar ik dit artikel mee begon: mag een gemeente bij een te verstrekken subsidie aan een zorginstelling, als deze strikt genomen niet onder de WNT valt, als voorwaarde stellen dat de WNT wordt nageleefd?

In de Tweede Kamer is dit onderwerp al eens ter sprake gekomen. Met de brief van de Minister van VWS van 28 februari 2014 aan de Tweede Kamer leek het er toen op dat voor het stellen van bezoldigingsnormen de Algemene wet bestuursrecht (Awb) aangepast zou moeten worden.

Niet lang daarna volgde een ter zake relevante uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In deze uitspraak van 25 juni 2014 heeft de Raad van State geoordeeld dat een subsidieverplichting ter voorkoming van topsalarissen geen ‘doelgebonden’ subsidieverplichting is. Het is volgens de Raad van State zelfs een oneigenlijke verplichting. De gemeente Eindhoven, die partij was in dit geschil, kreeg dus ongelijk.

De conclusie die uit deze uitspraak is te trekken, is dat er geen ruimte lijkt voor een gemeente om via subsidies eisen te stellen aan de hoogte van de te betalen salarissen van bestuurders (van gesubsidieerde instellingen). Gemeenten kunnen wel indirect proberen invloed uit te oefenen, namelijk door in hun subsidieverordening vast te leggen dat salariskosten niet of slechts gedeeltelijk voor subsidiering in aanmerking komen. Ook dit kan het gewenste effect hebben.

Later heeft de Minister van Binnenlandse Zaken op schriftelijke vragen geantwoord dat de Awb voldoende mogelijkheden biedt voor het normeren van topinkomens van functionarissen bij instellingen die subsidie ontvangen van decentrale overheden. Zij kunnen in hun subsidieverordening voorwaarden ten aanzien van de inkomens van bestuurders opnemen, aldus de Minister. Maar eerst een subsidie verlenen aan een instelling en vervolgens aan de ‘achterkant’ een maximale beloning als verplichting opleggen en afdwingen mag volgens de Minister niet.

Naar aanleiding van nieuwe vragen uit de Tweede Kamer heeft de Minister van Binnenlandse Zaken onlangs weer een brief over dit onderwerp, het stellen van WNT voorwaarden bij subsidies, naar de Tweede Kamer gestuurd (d.d. 24 februari 2015). Daarin merkt hij allereerst – terecht – op dat de WNT al direct geldt voor instellingen die voor een periode van ten minste drie jaar EUR 500.000,- of meer subsidie per jaar ontvangen en waar die subsidie tenminste 50% uitmaakt van de inkomsten van de instelling. Bepaalde instellingen vallen daar al onder. Verder geeft de Minister aan dat decentrale overheden ook bestuurlijk een appel kunnen doen op de (overige) instellingen om salarissen terug te brengen naar het WNT niveau. Maar de vraag is natuurlijk wel of dat het gewenste effect zal hebben.

In dat verband wordt aangekondigd, zo geeft de Minister ten slotte aan, dat het voldoen aan WNT-normen vanaf 2016 een voorwaarde wordt voor subsidiering. Samen met de VNG, het IPO en een aantal gemeenten wordt gewerkt aan ‘modelaanpakken’. De Minister streeft ernaar om over de resultaten hiervan vóór 1 juni 2015 te informeren. Dit laatste is iets om naar uit te kijken, want de informatie van de Minister in de brief van 24 februari 2015 laat nog veel vragen onbeantwoord.

Toekomst

Wat gaat er op het gebied van de WNT, voor zover in het bijzonder relevant voor de zorgsector, nog meer veranderen?

In het regeerakkoord van 29 oktober 2013 is aangekondigd dat de WNT-norm gaat gelden voor alle medewerkers, dus niet meer alleen voor de topfunctionarissen. Men noemt deze aangekondigde wijziging wel de WNT3. Het is nog niet bekend wanneer deze wijziging zal plaatsvinden. Er is zelfs nog geen wetsontwerp bekend. In het onderhandelaarsresultaat medisch specialistische zorg 2014 t/m 2017 (van 16 juli 2013) is hierover al wel opgenomen dat de voorgenomen uitbreiding in ieder geval niet van toepassing zal zijn op medisch specialisten.

Voorlopig lijken de zorgbestuurders en de medisch specialisten, zeker in vergelijking met (top)functionarissen uit andere sectoren, dus buiten schot te blijven. De vraag is natuurlijk wel: voor hoe lang nog? Want wat gaan bijvoorbeeld de gemeenten doen met hun subsidieverlening? De WNT blijft hiermee de (financiële) gemoederen in de zorgsector nog wel even bezig houden.

Mark van de Laar
Capra Maastricht

Contact over dit onderwerp

Mark van de Laar

Mark van de Laar

Advocaat
Vestiging:
Maastricht
Sector:
Overheid, Zorg
Expertteam:
Arbeidsrecht,
Telefoon:
043-7 600 600
Mobiel:
06 15 05 42 23

Gerelateerd

Feitenonderzoeken en privacybescherming 150 150 Capra Advocaten

Feitenonderzoeken en privacybescherming

Artikel

lees meer
Consultatie: ‘Wet tegengaan ontwijking WNT’ (in de zorg) 150 150 Capra Advocaten

Consultatie: ‘Wet tegengaan ontwijking WNT’ (in de zorg)

Artikel

lees meer
Zorgbestuurders niet groepsgewijs uitgezonderd voor WNT 150 150 Capra Advocaten

Zorgbestuurders niet groepsgewijs uitgezonderd voor WNT

Artikel

lees meer
Afspraak is afspraak? Actualiteiten WNT in de zorg 150 150 Capra Advocaten

Afspraak is afspraak? Actualiteiten WNT in de zorg

Artikel

lees meer
Wat zijn de gevolgen van de Evaluatiewet WNT? 150 150 Capra Advocaten

Wat zijn de gevolgen van de Evaluatiewet WNT?

Artikel

lees meer
De geschorste topfunctionaris 150 150 Capra Advocaten

De geschorste topfunctionaris

Artikel

lees meer
De integere zorgbestuurder? 150 150 Capra Advocaten

De integere zorgbestuurder?

Artikel

lees meer
Capra Select: arbeidsrechtelijke actualiteiten in de zorg 150 150 Capra Advocaten

Capra Select: arbeidsrechtelijke actualiteiten in de zorg

Nieuws

lees meer
Actualiteiten WNT in de zorgsector 150 150 Capra Advocaten

Actualiteiten WNT in de zorgsector

Artikel

lees meer
Actualiteiten WNT in de zorgsector 150 150 Capra Advocaten

Actualiteiten WNT in de zorgsector

Artikel

lees meer
De reparatie van de WNT 150 150 Capra Advocaten

De reparatie van de WNT

Artikel

lees meer
Medisch specialisten – over communiceren en samenwerken 150 150 Capra Advocaten

Medisch specialisten – over communiceren en samenwerken

Artikel

lees meer
Uitkering bij ontslag op andere gronden en de WNT 150 150 Capra Advocaten

Uitkering bij ontslag op andere gronden en de WNT

Artikel

lees meer
De Wet normering topinkomens en variabele beloningen 150 150 Capra Advocaten

De Wet normering topinkomens en variabele beloningen

Artikel

lees meer
De Wet normering topinkomens: werk in uitvoering 150 150 Capra Advocaten

De Wet normering topinkomens: werk in uitvoering

Artikel

lees meer
Een nieuwe maat (man/vrouw)? 150 150 Capra Advocaten

Een nieuwe maat (man/vrouw)?

Artikel

lees meer
Getob over aftoppen topinkomens 150 150 Capra Advocaten

Getob over aftoppen topinkomens

Artikel

lees meer
Wet openbaarmaking topinkomens 150 150 Capra Advocaten

Wet openbaarmaking topinkomens

Artikel

lees meer
Wet normering topinkomens in de semipublieke sector 150 150 Capra Advocaten

Wet normering topinkomens in de semipublieke sector

Artikel

lees meer

Blijf op de hoogte

Onze nieuwsbrief Capra Concreet verschijnt ongeveer 10 keer per jaar. In de nieuwsbrief houden wij u op de hoogte over ontwikkelingen op het gebied van arbeidsverhoudingen binnen de sectoren overheid, onderwijs en zorg. In de Capra Concreet leest u over interessante jurisprudentie en wetswijzigingen op het gebied van het ambtenarenrecht, arbeidsrecht, bestuurlijke samenwerking en andere actuele thema’s die voor u van belang kunnen zijn.

Vestiging Den Haag
Laan Copes van Cattenburch 56
2585 GC ‘s-Gravenhage
Telefoon 070-364 81 02
Fax 070-361 78 47
s-gravenhage@capra.nl

Vestiging ‘s-Hertogenbosch
Bastion Vught 1
5211 CZ ‘s-Hertogenbosch
Telefoon 073-613 13 45
Fax 073-614 82 16
s-hertogenbosch@capra.nl

Vestiging Zwolle
Terborchstraat 12
8011 GG Zwolle
Telefoon 038-423 54 14
Fax 038-423 47 84
zwolle@capra.nl

Vestiging Maastricht
Spoorweglaan 7
6221 BS Maastricht
Telefoon 043-7 600 600
Fax 043-7 600 609
maastricht@capra.nl